Top Menu

De zoon, de soldaat en de logica

“Pappa, ik ben zo blij dat je weer thuis bent. Ik heb je zó gemist de afgelopen dagen. Fijn om weer bij je op schoot te kunnen kruipen.”

“Fijn om jou weer vast te houden, lieverd.”

“Waarom moest je zo lang weg pappa, wat heb je gedaan, waar zat je? Was het leuk?”

“Pappa moest op missie lieverd, voor volk en vaderland. Pappa is soldaat en volgt orders op van generaals en presidenten. Pappa heeft veel mensen gedood uit naam van ons geloof, onze God. Pappa heeft veel mensen in elkaar geslagen en geschopt, tot hun benen kraakten en het bloed uit hen spoot. Dat moet van pappa’s generaal en van onze president en onze God. Eén man heeft pappa zo hard met zijn hoofd tegen de muur geschopt, dat zijn schedel barstte en zijn hersens eruit kwamen.”

“Leeft die man nog pappa?”

“Nee lieverd, die man is dood. Terecht; die man geloofde in een andere God. Dat was een stoute man.”

“En heeft die man ook een zoon pappa? Een zoon die nu bij hem op schoot had willen zitten.”

“Misschien wel lieverd, dat weet pappa niet.”

“En als die man een zoon had pappa, zou die zoon dan van u houden, omdat u zijn vader gedood heeft?”

“Dat denkt pappa niet, maar die zoon is ook fout. Die gelooft ook in een andere God, dus die moet ook dood van onze president.”

“En als ik later groot ben pappa, moet ik dan ook soldaat worden? En als ik dan die zoon van de man die u doodgeschopt hebt tegenkom, pappa, zou hij mij dan omarmen en vergeven of haten en willen doden, pappa?”

Haat kan niet overwonnen worden door haat, haat kan alleen overwonnen worden door liefde.
Martin Luther King

Comments are closed.